Rouwkleding werd afgeschaft en daarmee dus ook de officiële rouwtijd. En bij de uitvaart was vaak geen ruimte meer voor uitingen van verdriet. Zwijgend achter de kist aan. Zwijgend rond het graf. Zwijgend terug naar huis. Pas thuis, in de privé-sfeer kregen de tranen de vrije loop. Anderen vielen we daarmee niet lastig. En anderen wilden daar ook niet mee lastig gevallen worden.Toch moest de rouw een uitweg vinden. En zo kon het gebeuren dat het verdriet uiteindelijk pas bij een therapeut werd verwerkt.
 
Toch is hierin de laatste tijd enige verandering te zien. De behoefte om onze doden weer openlijk te betreuren en gedenken wordt meer en meer zichtbaar. Na een sterfgeval gewoon over gaan tot de orde van de dag werkt niet. Dit wordt zichtbaar op begraafplaatsen. Steeds meer mensen brengen regelmatig een bezoek aan het graf van een overledene. Vooral op zondagmorgen wordt het steeds drukker op de begraafplaatsen. Graven worden ook beter onderhouden dan in voorgaande decennia gebeurde. Vooral kindergraven zijn vaak overladen met bloemen, knuffels en kaarsjes. Maar ook op de graven van ouderen tref je steeds meer bloemen en kaarsen aan.
 
Ook het internet is een dankbare plek voor rouwverwerking. Rouwenden kunnen er in contact komen met lotgenoten. Sinds een paar jaar verschijnen er steeds meer websites waarop een persoon wordt gememoreerd. Inmiddels zijn dergelijke digitale necrologieën al gemeengoed. Daarnaast zijn er ook websites waarop meerdere mensen een in memoriam kunnen plaatsen. Een voorbeeld hiervan is de website van de NCRV ‘Doden zijn niet stil’.
 
Het lijkt erop dat rouw en rouwverwerking dus weer alle ruimte krijgt in onze tijd. Toch is dat een verkeerde gedachte. Inderdaad is het zo dat de rouwverwerking niet alleen binnen de eigen muren blijft. Dat is te zien aan de drukte op de begraafplaatsen en aan de populariteit van websites met in memoriams. Maar als rouwende tref je daar voornamelijk lotgenoten aan. Maar hoe gaat het in de omgang met de directe omgeving: familie, vrienden, buren, de kerkelijke gemeente?
Als er iemand is overleden gaat het meestal ongeveer zo: Er komt een grote stroom kaarten binnen bij de nabestaanden. Ook komen er veel mensen condoleren. Bij de begrafenis zie je al wat minder mensen. En daarna wordt het stil rond de rouwende, erg stil. We ontlopen de rouwende maar een beetje. We weten wel dat die ander verdriet heeft – liever gezegd – we vermoeden het. Maar we weten er eigenlijk geen raad mee. Moeten we er elke keer naar vragen of juist niet? Misschien wil iemand er helemaal niet aan herinnerd worden. En als hij of zij dan in tranen uit barst wat doe je dan? Een arm om hem of haar slaan is wel een beetje intiem. Wij Nederlanders zijn niet zo lijfelijk ingesteld. En wat als de rouwende je gaat claimen en je gaat zien als zijn of haar persoonlijke praatpaal waaraan elke keer weer hetzelfde verhaal wordt verteld?
 
Trouwens, wanneer is een rouwproces eigenlijk afgerond? Moeten we de rouwende na verloop van tijd niet zeggen dat hij of zij zich er nu maar eens over heen moet zetten?
 
Zowel in boeken als op internet zijn veel van bovenstaande vragen te beantwoorden. Niet alleen voor rouwenden maar juist ook voor mensen om de rouwenden heen.
 
Het is goed als we onze tekortkomingen op dit gebied onder ogen zien. Voor niemand is het makkelijk om hier mee om te gaan. Maar toch is de dood en het daarbij horende verdriet van nabestaanden een wezenlijk deel van ons leven. Het is daarom heel zinvol als we ons verdiepen in het rouwproces. Hoe verloopt een rouwproces? En wat zijn de behoeften van een rouwende? Wat zou hij of zij van ons kunnen verwachten?
 
En laten we vooral niet denken dat anderen het vast beter kunnen. Want daarmee doen we de rouwende maar ook onszelf te kort. Ieder mens kan wel iets doen of betekenen. Sommigen mensen kunnen goed luisteren en troosten. En als je daar niet zo goed in bent kun je voorstellen om samen iets te ondernemen. Al is maar iets simpels als samen de boodschappen doen. Dat is overigens ook een veel beter idee dan voor te stellen de boodschappen voor die ander te doen. Het belangrijkste is namelijk dat de rouwende niet teveel alleen is. Vooral mensen die een partner hebben verloren, hebben hieraan veel behoefte. Zij moeten niet alleen wennen aan het verlies maar ook aan het alleenleven.
 
Op internet zijn verschillende handreikingen te vinden met betrekking tot rouwverwerking. Zie bijgaande links.